L’Histoire n’existe pas, zei een Fransman ooit: il n’y a que des histoires. Verhalen dus, die samen het verleden vormen. Mij interesseren niet de verzonnen verhalen, en evenmin de grote geschiedenissen, maar de alledaagse, waar gebeurde, vergeten verhalen die er onder liggen. Over wat mensen belangrijk vonden, waarover ze zorgen hadden en waarop juist trots. Hoe ze leefden in een wereld die – zelfs helemaal niet zo lang geleden – totaal anders was dan de onze, met veel minder comfort, minder vrijheid, en grote verschillen in welvaart.
De laatste tijd houd ik me bezig met babyboeken. Vanaf omstreeks 1890 bestonden er speciale, voorgedrukte albums waarin jonge ouders verhalen over hun baby konden opschrijven, gegevens invullen, foto’s of krulletjes haar inplakken. Vaak waren zulke albums mooi uitgevoerd, met sierlijke, toepasselijke illustraties. Babyboeken werden zeer geliefd, en het bijhouden ervan werd in sommige families traditie. Maar misschien juist omdat zij zo helemaal bij de privésfeer hoorden, heeft geen historicus er ooit naar gekeken – terwijl zij vol staan met interessante, liefdevolle, en soms zelfs dramatische verhalen. Bovendien onthullen zij heel veel over kraamgebruiken van toen, en hoe mensen omgingen met hun pas geboren kinderen. Het project moet uitmonden in een boek, dat hopelijk in 2026 of 2027 zal verschijnen, met als titel “Later zul je dit lezen. Nederlandse babyboeken 1890-1960”.
Beeld links: Félix Vallotton, Le Bon Marché (1893). Houtsnede op papier, collectie Van Goghmuseum, Amsterdam.