Ileen
Montijn

 

Sovjet-film

9 juli 2007

Tatjana Samojlova en Aleksej Batalov

Tatjana Samojlova en Aleksej Batalov

Nog lang nagepraat en gedacht over een Russische film uit 1957 die we laatst zagen op het filmclubje: Als de kraanvogels vliegen. Een mijlpaal in de Russische filmgeschiedenis, die een Gouden Palm won in Cannes. Het was een openbaring kort na de Stalintijd: een film waarin de liefde van een meisje voor een jongen die naar het front gaat, meer gewicht krijgt dan de oorlogsheroïek er omheen. Zoiets was ongehoord in de Sovjetunie van toen. Bovendien is de film fraai gemaakt, met expressief en kunstig camerawerk. — Maar waar ik mij niet overheen kon zetten was de banaliteit van het verhaaltje, een liefdesgeschiedenis die nergens boven de clichés uit stijgt, geen wending die het verhaal een beetje diepte geeft. Het is waar wat ze zeggen, elke grote liefdesgeschiedenis is in wezen banaal. Maar daarom is elke banale liefdesgeschiedenis nog niet groot. En, misschien het belangrijkste: zo zie je maar weer hoe belangrijk een goede schrijver is, ook voor een film die verder alles mee heeft.