H. Willebeek le Mair, Ingle nook (1914)
Wonen’ is een activiteit geworden, een liefhebberij van talloos veel mensen. Vroeger woonde iedereen gewoon ergens, en dat was dat. Maar natuurlijk werd ook in het verleden gewoond in de actieve betekenis van het woord. Omdat het de Week van de Geschiedenis is, en het thema van die week ‘Wonen’, houd ik dezer dagen lezingen over hóe men dat dan deed, vooral bij de elite: Wonen op stand. Komende zondag 21 oktober bijvoorbeeld in de Openbare Bibliotheek in Amsterdam, in dat enorme nieuwe gebouw (komt allen, het is om 15 uur, en zegt het voort – want ze schijnen daar erg slecht in publiciteit te zijn!)
Het blijft ook iets fascinerends, het leven in het verleden. Zelfs van hoe men 100 jaar geleden dacht, leefde, woonde, begrijpen we nog maar zo weinig. In de tijd toen ieder herenhuis een ‘spreekkamer’ had, toen een vrouw zonder corset wel een sloerie moest zijn, en een cozy-corner het nieuwste snufje in het interieur was. Het zijn geen dingen om naar terug te verlangen, al was het maar omdat er zo veel moest en zo weinig mocht. Maar zelf kan ik er geen genoeg van krijgen om me te verdiepen in hoe het allemaal zat.