Het omslag van het eerste Babar-boek uit 1931
Faut-il brûler Babar? was de onthutsende vraag die een tijdje geleden door Parijs gonsde. Linkse critici hadden de prentenboeken over het aandoenlijke olifantje onder de loep genomen. Zij stelden vast dat Babar – wiens moeder op de tweede bladzij wordt doodgeschoten, en die, met een groen mensenpak aan en een kroontje op zijn hoofd, eindigt als de koning van de olifanten – eigenlijk staat voor koloniale overheersing. De Babar-kritiek wordt uitvoerig behandeld in een artikel in de New Yorker van deze week. De aanleiding is een Babar-tentoonstelling in de Morgan Library.
Babar is een schepping van de Fransman Jean de Brunhoff (1899-1937), maar zijn reeks Babar-boeken, die verscheen vanaf 1931, is vanaf 1946 voortgezet door zijn zoon Laurent, zoals dat wel vaker gaat met succesvolle kinderboeken. Laurent woont sinds jaar en dag in New York, en deed een verzameling schetsen en tekeningen over aan de (Pierpont) Morgan-bibliotheek. Een van de merkwaardige dingen die je op de tentoonstelling ziet, zo noteert een criticus, is dat de eerste ontwerpen voor Babar veel geacheveerder en vlotter zijn getekend dan de naïevere versies die in de boeken terechtkwamen.