Alfred Edward Emslie, Dinner at Haddo House (1884)
Stille dagen – je verbaast je bijna dat de winkels open zijn. Boekwinkels maken vanouds in deze periode hun inventaris op, en zijn (of waren) daarom inderdaad een dag dicht. Ik probeer zelf een lijst te maken van alles wat ik heb gepubliceerd in tijdschriften en boeken – een bibliografie zogezegd. Niet van alle krantenstukken, dat wordt te veel: mijn eerste stukje in NRC Handelsblad, toen ik nog studeerde, zal in 1976 zijn geplaatst, het recentste ruim 30 jaar later. Dertig jaar! Maar omdat ik mijn boekenpagina up-to-date heb gebracht – kijk hier – dacht ik aan al die andere artikelen en bijdragen, waarover ik u, trouwe lezer, lang niet altijd vertel.
Zo heb ik onlangs een stuk geschreven in een bundel voor Nop Maas, sinds kort een Bekende Nederlander dankzij zijn kloeke biografie van Gerard Reve. Bij Nops zestigste verjaardag, 1 december j.l., verscheen een boek met de curieuze titel Mag ik je voorzichtig op mijn bestaan wijzen, waarin 33 vrienden de jarige literator eren. Mijn bijdrage heet ‘Verborgen bron: komedies van Josine Simons-Mees’. Het gaat over een zeer herkenbaar toneelstuk uit 1889, waarin een gastvrouw en gastheer bijna gek worden van de stress, vlàk voor de dinergasten komen.
Er staat nog veel meer vrolijks en curieus’ in dat boek, en al is het een vriendenbundel, het moet wel te bestellen zijn, want het heeft een uitgever (Vogelperspectief, Haarlem) en een isbn-nummer (978-94-900710-28). Enfin, ik dacht: dat vertel ik u even.