‘Io son ricco e tu sei bella…’ het liedje wil niet meer uit mijn hoofd sinds L’elisir d’amore, de opera van Donizetti, die ik een week of wat geleden zag in het Concertgebouw, uitgevoerd door Opera Zuid – en een dag later nog eens, op de Parade in Den Bosch (maar dan in een live-uitzending op de televisie).
Hoe kan bijna tweehonderd jaar geleden zoiets onzinnig-vrolijks zijn gemaakt? Het is een tussendoortje in de opera dat met de handeling niks te maken heeft, gewoon een barcarole, een dansje: dokter Dulcamara speelt een bejaarde senator die een jonge gondelierster – gespeeld door Adina – wil verleiden. ‘Ik ben rijk en jij bent schattig’ (dat laatste woord voor het metrum).
De Poolse bas Piotr Micinski en de Nederlandse sopraan Kim Savelsbergh deden het nummertje leuker dan alles wat ik op Youtube kan vinden. Maar de opera van Arizona (zoek het zelf op, ik krijg het linkje er niet in) stilt zo nu en dan mijn verlangen. En hoorde ik het liedje nou vanmiddag op het carillon van de Zuiderkerk in Amsterdam, of ben ik gek?