17 petites robes noires - lang niet allemaal Chanel
De Coco Chanel-tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum is een feest. Hij gaat over ‘Chanel: de legende’ – en het is grappig om te zien hoezeer de ontwerpster zelf (die overigens niet tekende, terwijl ze wel heel goed kon naaien) al meewerkte aan haar eigen legende. Dat haar werk werd geïmiteerd vond ze niet erg: ze zag het als een compliment. De vormgever van de tentoonstelling, Maarten Spruit, legt een feilloos gevoel voor Chanels stilistische talent aan de dag. Het is allemaal strak en sober, maar met daarbij een hoogst aangenaam zweem van luxe (bijvoorbeeld door zachtbeige kamerbreed tapijt in alle zalen). De ruimte met zeventien ‘petites robes noires’, met tegen de muur Coco zelf, is een vondst.