Ileen
Montijn

 

Eerste kussen

4 september 2007

Arthur Rackham, Tristan en Isolde drinken de liefdesdrank

Arthur Rackham, Tristan en Isolde drinken de liefdesdrank

We moeten nog even terug in de tijd, terug naar het dorp van mijn eerste liefdes, waar C’s vader de dominee was. Onze ouders waren bevriend, we zagen elkaar ook buiten school. En toch duurde het nog vele maanden na die heerlijke dag van handjes vasthouden tot eindelijk, op een avond na het kerkkoor, C en ik tegen elkaar aan tuimelden voor onze eerste kuise kussen. Ik was net veertien geworden, het was 21 juni, het begin van de zomer. Zo kuis en onhandig waren die kussen – is het wijsheid achteraf, dat ik voelde dat er iets aan ontbrak, of knaagde dat gevoel toen al, ver weggedrukt in mijn hart?
   Na de zomervakantie – een enorme cesuur in het leven van schoolkinderen zoals wij – was het ineens voorbij. C. kwam niet meer in mijn buurt. Waarom? Ik heb het hem later vaak gevraagd, maar hij kon of wilde het niet uitleggen. Het was al gauw niet meer erg, want de dominee had nog meer zonen. Eén van hen, ouder, langer, vlotter dan C, werd mijn volgende liefde, wat zeg ik, mijn eerste echte vriendje. Wat een leukerd was hij, K.. Hij kon alles: contrabas spelen en piano, zingen, componeren. We gingen samen naar dansles, en zoenen werd ècht zoenen.