Kasteel Renswoude op een oude ansichtkaart
Niet aan Koninginnedag denken, niet letten op de schuttingen, de oranje looprouteborden en de plaskruisen als ik even buiten ben – morgen ga ik de stad uit, en vandaag verdiep ik me nog in het verleden. In jeugdherinneringen, zoals die van dominee Hovy (1875-1956), die als jongetje vele zomers doorbracht bij familie op het Kasteel Renswoude, en daaraan herinneringen ophaalde in het holst van de Tweede Wereldoorlog. Een ‘heerlijke wereld’ was het geweest, met de kippen, de vijver, de roeiboot, de ezels – en het eten.
Bijvoorbeeld ‘… de sla, die elken dag door een van de nichten, met de grootste zorg werd toebereid en eindeloos gefatigeerd totdat ’t een ongelooflijk lekkere poespas was geworden waarin dragon, kleine uitjes, kruidenazijn, oost-indischekers, ei, olie, mosterd, komkommer en ik weet niet wat al meer was verwerkt…’ Ik word dromerig van die sla, en van het ouderwetse woord ‘fatigeeren’: de slablaadjes moe maken.