Verpakking Luycks' bouillonblokje, c. 1933
Kattenburg deed in regenjassen, Ketjen in zoutzuur, Korthals Altes in graan, Klene in snoep… en dat is alleen nog maar de letter K. De variëteit kenmerkt de inhoud van het vorige week verschenen boek over Amsterdamse ondernemers tussen 1850 en 1950. Ik vul in m’n eentje de letter I met een bijdrage over Arthur Isaac, grondlegger van Nederlands eerste warenhuis, De Bijenkorf.
Vijftig biografieën bevat het boek, en het bestrijkt terreinen als kunsthandel (Goudstikker), scheepsbouw (De Vries Lentsch), diamanten (Asscher), corsetten (Hunkemöller) en mosterd (Luijcks, of Luycks). Als je erin leest, krijg je het gevoel dat ondernemen vroeger nog over echte dingen ging – en dat dat toch leuker was.