Principes kosten nu eenmaal geld,’ roept een kop in NRC Handelsblad vandaag. Elfduizend Nederlanders zijn uit religieuze overtuiging niet verzekerd. Er worden ingewikkelde financiële constructies voor ze verzonnen, anders zouden ze nog ècht onverzekerd zijn. Het geheimzinnige vind ik: staat dan vast dat verzekeren verplicht is? Is daar een wet voor? Ik ben van zuiver onverzekerde afkomst – vier grootouders die dat niet deden – niet om het geloof, maar omdat mijn opa’s en oma’s dat niet nodig vonden. Het was deftigheid: verzekeren was iets voor kleine luiden – maar toch ook een soort onverschrokkenheid, die geruisloos is verdwenen. Nederland is het meest verzekerde land van de wereld geworden, een land van rijk geworden kleine luiden, die liever astronomische premies betalen dan het geringste onverwachte risico te lopen. Wie daar beter van wordt zijn zij niet zelf – maar de verzekeraars natuurlijk. Het komt allemaal in de grote geldmolen. Volgens mij kost voorzichtigheid nog veel meer geld dan principes.