Uit een 15de-eeuws getijdenboek in museum Meermanno-Westreenianum
Eigenlijk is het wel een leuk verhaal, Pinksteren. Die geleerde joden uit alle windstreken, die verbaasd vaststellen dat de leden van een nieuwe sekte opgewonden tekeer gaan in hún talen – Partisch, Medisch (!), Elamitisch, Pamphylisch en zelfs Arabisch – en zich afvragen: wat heeft dit toch te betekenen? Het is een vondst om die kenners erbij te halen ter verhoging van de geloofwaardigheid.
Ik zou het niet gehoord hebben als ik niet in het koor had meegezongen bij de mis in de Obrechtkerk; Mozarts Credo-messe en het overbekende Veni Sancte Spiritus, alles mèt orkest, vaste solisten, en prachtig. Ook als heiden kun je blij zijn dat er zo gemusiceerd wordt, gratis doch bevlogen, midden in een weekend waarin mensen ook kunnen gaan winkelen of tuinieren. Waar was de kunst zonder Onze Lieve Heer, tweeduizend jaar na de eerste Pinksteren? Een pijnlijke vraag.