De droom van Astyages, 15de-eeuws miniatuur
Nederland is rijk en verwend. Een stroom van advertenties verkondigt dezer dagen dat het afgelopen is met dat vervelende bed-opmaken, dank zij het wasbare dekbed.
Bed opmaken… waar hebben ze het over? Bed opmaken hoorde bij het tijdperk van lakens en dekens, die moesten worden recht gelegd, strakgetrokken en ingestopt, elke dag opnieuw. Dat werd al makkelijker in de jaren ’70, met de opmars van het hoeslaken met elastiek in de randen (de baas van een Engelse wasserij verzuchtte dat de uitvinder van het hoeslaken ought to have been shot). En toen volgde het dekbed, moeiteloos op te schudden, met overtrekken in alle denkbare kleuren en motieven. Overtrekken die in veel huishoudens de aloude sprei vervingen en de slaapkamer gezellig maakten.
Maar inderdaad: zo’n overtrek moet wel om het dekbed heen, na iedere wasbeurt opnieuw, en dat kost nog een beetje moeite. Daarom is er nu het wasbare dekbed. Het kan zó in de wasmachine… die, alsof de fabrikanten dit zagen aankomen, de laatste decennia gigantisch in volume is toegenomen. Tien kilo inhoud is niets meer. Het hoesloze dekbed, gevuld met microvezels, is in een mum van tijd droog, en reeds te koop in vele lelijke dessins: hoera!
Blijft over het onderlaken, dat bij de meeste mensen zo’n onaantrekkelijke prop van een hoeslaken is. Het zal me benieuwen of ze daar nog iets op vinden.