Ileen
Montijn

 

Leve de directrice

15 april 2007

Een directeur, een bibliothecaris, een dichter – wat zijn dat voor mensen? In elk geval zijn het kerels, zo te horen. En wat ik niet begrijp, wat ik nooit zal begrijpen, is dat zo vreselijk veel weldenkende mensen vinden dat je vrouwen met die functies achter deze mannelijke benamingen moet verstoppen. Omdat ze dan niet als vrouwen herkenbaar zijn. O, een dichteres, zegt iemand dan – dat klinkt zo suf, oubollig… Een directrice, ach, dan denk je toch meteen aan een meisjesschool… En zo wordt het dus nooit beter. Zo blijft de taal mishandeld worden, blijft de vrouwelijke variant ‘raar’ klinken. Wanneer houdt dat eens op? Het belangrijkste argument, altijd weer, is de secretaris van de Raad van Bestuur die beslist geen secretaresse is: lieve help, verward te worden met een lagere functie!
    Okee. Na jaren ijveren ben ik bereid tot één compromis. Vrouwelijke secretarissen van Raden van Bestuur HOEVEN van mij geen secretaresse te worden genoemd, als ze denken dat dat minderwaardig is. Maar alle, alle andere beroepen en functies waarvoor een vrouwelijke vorm bestaat, moeten wèl worden aangepast aan de sekse van de beoefenaar. Advocate, schoonmaakster, hulpverleenster, redactrice. Horen jullie me, daar buiten? Zolang de koningin geen koning is en een zangeres geen zanger, zo lang is het onzin om die quasi-emancipatorische poppenkast vol te houden.