Ileen
Montijn

 

Terug naar Wenen

16 juni 2007

Matrasgasse 18, Wien-13

Matrasgasse 18, Wien-13

Sinds 1963, toen we met ons gezin na drieënhalf jaar weer ergens anders heen verhuisden, was ik niet terug geweest in Wenen (zie 10 juni). Waarom in godsnaam niet? Ik was elf jaar, te jong om zelfstandig banden te onderhouden, ik was het jaar tevoren naar het gymnasium gegaan en dus nog wat wankel in mijn vriendschappen, zoiets? Maar het is wonderlijk wat er allemaal nog in je hoofd blijft zitten. Oude liedjes, de manier waarop je slot Schönbrunn ziet liggen als je met de tram de stad in rijdt, de nu opgedoekte winkel van Feinkosthändler Babel, een kruidenier met Weense allure. Hij waagde het wel eens mijn moeder hoofs de hand te kussen, en ons dienstmeisje Christl zelfs op het voorhoofd: zo hoorde dat in het oude, het K. und K. (Kaiserlich und Königliche) Wenen. Dat was nog geen halve eeuw daarvoor verdwenen.
    De Weense tongval, het mooiste Duits dat er is, is gebleven. Maar verder is er veel veranderd, alles ziet er netter en welvarender uit dan in die tijd, zelfs ons oude huis. En in plaats van Servus roepen de mensen ten afscheid Tschüss, net als in Duitsland! De invloed van de televisie, naar het schijnt.