Ileen
Montijn

 

Brahms, Jansen, Holl

23 januari 2008

Johannes Brahms (1833-1897)

Johannes Brahms (1833-1897)

Ik ging een plaatje kopen. Het is natuurlijk iets onnozels, een cd-bon, maar toch is het een feest om een hele winkel vol cd’s tot je beschikking te hebben – al mag je er dan maar één mee naar huis nemen.
Het werd een cd vol Brahms-liederen. Bij de eerste piano-tonen van Rudolf Jansen werd ik al blij, en toen Robert Holl inzette was ik verloren. Wat zingt die man mooi… maar eigenlijk is mooi niet het goede woord. Ik zou bijna zeggen ‘lekker’. Die liederen zijn merkwaardig, zoekend, gemaakt op on-klassieke teksten van onbekende dichters. Liederen vol verlangen, met veel woorden. Ze passen precies bij dat vreemde, ouderwetse timbre van Holl, en iets dat ik alleen maar kan omschrijven als zijn ‘gemoed’. Ik heb het gevoel dat het vroeger mijn smaak niet zou zijn geweest, maar dat ik er, nu ik het wèl lekker vind (net als je bij sommige soorten eten kunt hebben) juist daardoor heviger van geniet.