L.M. Dansaert (1830-1909), Het duel (detail)
Een reukflesje viel kapot in een balzaal in Bogotá – en twee dagen later liet Joseph ridder de Stuers, de Nederlandse consul, het leven op een afgelegen plek aan de rand van diezelfde stad. Een kogel trof hem in het hoofd. Het was 30 oktober 1827, De Stuers (oudoom van de hier eerder genoemde Victor) was 34.
Het piepkleine incident met de dramatische nasleep is een van honderden duels waarover het gaat in Ignaz Mattheys imposante Eer verloren, al verloren, het duel in de Nederlandse geschiedenis. Matthey, die in 2010 een boek schreef over matrozenpakjes, heeft een neus voor goede onderwerpen. Zijn duelboek is veel meer dan een verzameling anekdotes, het legt ook verbanden en biedt wonderlijke inzichten in de psyche van heren – altijd heren – die bereid waren om alles te riskeren voor hun eigen eer, ja, daar soms een gewoonte van maakten.
Zo duelleerde het beroemdste duelslachtoffer in de geschiedenis, de Russische dichter Aleksander Poesjkin (1799-1837), die stierf in een conflict met een Nederlander, op dat moment voor de 29ste keer. Dat werpt, vind ik, toch een iets ander licht op zijn tragische einde.