Domineesgezin c. 1900
Uit een enquête onder mensen van adel bleek dat 53% van de ondervraagden de namen van alle acht zijn (of haar) overgrootouders kent – of beweert te kennen. Dus niet alleen de meisjesnaam van hun moeder, maar ook die van hun beide grootmoeders, èn die van hun overgrootmoeders, daar komt het op neer.
Zoiets probeer je meteen zelf: ik kreeg ze uit m’n hoofd bijna bij elkaar, kwam tot zeven namen, waarvan één bij de verkeerde overoma. Maar ja, ik ben niet van adel. Zou de uitkomst van die enquête kloppen – of zouden ze stiekem bedoelen dat ze die namen kunnen opzoeken? Dat kunnen ze natuurlijk, want iedereen die van adel is staat met z’n stamboom in Nederland’s Adelsboek, het Rode Boekje: het is het enige objectief waarneembare kenmerk dat ze onderscheidt van niet-adellijke Nederlanders.
Hoe dan ook, ik vind het een leuke, simpele vraag. Want je kunt wel praten over het geschiedenisonderwijs en de canon – maar weten waar je vandaan komt, is dat niet het begin van alle historische besef?