Ileen
Montijn

 

Een jasje van seal

28 december 2012

Prinses Beatrix in een seal jasje met haar moeder (1963)

Prinses Beatrix in een seal jasje met haar moeder (1963)

Een heerlijk jasje van zeehondenbont – seal – kreeg Trienke Woldringh van haar ouders, toen ze in 1960 afstudeerde aan de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam. Zij vertelt erover in het december-bulletin van de Nederlandse Kostuumvereniging. Ook twee vriendinnen van haar kregen rond hun twintigste een bontjasje: lekker warm, en een mooi bezit voor jaren.

Het jasje, afgewerkt met nappaleer, was gemaakt door de destijds bekende bont- en modewinkel Van Daal en Meijer in Groningen (1938-1973). Die had internationaal succes met de verwerking van zeehondenvellen uit het Waddengebied; met een speciale techniek konden ze die heel goed traanvrij maken, zodat ze niet vergeelden. De jassen hadden een kenmerkende tekening, zoals op onderstaande foto van prinses Beatrix uit 1963 is te zien: donkerder middenvoor, lichter met vlekjes aan de zijden. Trienke oogstte met haar jasje zelfs bewondering in New York, waar ze bij een textielbedrijf stage ging lopen, en waar ze zulk bont niet kenden.

De verwerking van bont is een traditierijke tak van de mode, ook in Nederland, al hoor je er nog maar zelden over; discretie is geboden in tijden van vervolging. Na het infantiele verbod op de pelsdierhouderij zal er hier wel helemaal niets van overblijven. Jammer is dat.