Ileen
Montijn

 

Kleren in de hoofdrol

21 juni 2019

Paul Gauguin, 'Melancholie' (detail). Nelson-Atkins-museum, Kansas City, Miss., VS

Paul Gauguin, 'Melancholie' (detail). Nelson-Atkins-museum, Kansas City, Miss., VS

Een kledingstuk in de hoofdrol in een boek, verhaal of gedicht – daarbij maakt mijn hart altijd een sprongetje. Het beroemdst is ‘De mantel’ van Nikolaj Gogol uit 1842, waarin het echt gaat over de zwaar versleten jas van de kleine ambtenaar Akakij Akakijewitsj; hij komt voor in mijn boek Tot op de draad.

Onvergetelijk is het gedicht ‘The red dress’ van Dorothy Parker, over de jurk van haar meisjesdromen, en de wonderen die die zou meebrengen: I always saw, I always said / If I were grown and free / I’d have a gown of reddest red / As fine as you could see… dat eindigt in sarcastische berusting: Now I am grown to womanhood… I have the silly gown.

Onlangs kwam ik er nog een tegen, een grote zwarte cape in La fortune des Rougon uit 1871, deel 1 van Zola’s 20-delige romancyclus Les Rougon-Macquart. Een van de héél lang uitgesponnen verhaaldraden (begin er niet aan, lezer, het is vreselijk) is dat van het arme meisje Miette en haar vriendje Silvère, die in 1853 meegesleept worden in een republikeinse opstand. Miettes zwarte pelisse, die eerst dient als beschutting tegen blikken bij wandelingen à deux, is met vuurrode stof gevoerd. In de mars van opstandelingen keert zij hem binnenste buiten, krijgt het vaandel in de hand gedrukt, en wordt zo een symbool van de Vrijheid. Zola – die toch eigenlijk een grote schmierder is – beschrijft het in geuren en kleuren. Dat het tragisch afloopt met Miette spreekt vanzelf.

Er moeten heel veel andere voorbeelden van kledingstukken in literaire hoofdrollen zijn. Ach ja, Jezus’ rok in het Nieuwe Testament natuurlijk. Maar verder? We blijven zoeken.