... een groeiend aantal streepjes...
Even lippenstift opdoen, anders ziet een mens er zo afgesloofd uit, zei T. vele, vele jaren geleden tegen me. Voor mijn ogen veranderde zij haar gezicht van – inderdaad, afgesloofd, flets, moe – in dat van een kwieke, verzorgde vrouw. Zij is het vast vergeten, ik niet, want het was een wondertje. Ik vraag me nog steeds af of T’s gezicht misschien dringender een kleurtje behoeft dan dat van andere vrouwen. Of was het gewoon dat prachtige woord ‘afgesloofd’?
Hoeveel kleuren rood er bestaan zie je pas als je een lippenstift koopt, of nee, erger nog: als je probeert die ene, precies goede kleur nog eens te vinden. Het luistert héél nauw. Niet te roze, maar ook niet te oranje, beetje bruinig maar vooral niet te donker, want dan lijkt je mond uit de verte ineens een eng gat. Op je hand een groeiend aantal streepjes… en het nummer van de tint onthouden helpt niet, want cosmeticafabrikanten stellen er een eer in, elk seizoen weer een heel nieuw ‘gamma’ te produceren. Natuurlijk heb je dan ook nog de kwestie van de vetheid, de houdbaarheid, de glans, het lippenpotlood, het kwastje voor de contouren: wat een onderwerp eigenlijk. Bestaat er al een geschiedenis van de cosmetica?