Ileen
Montijn

 

Nelly de Fouw

6 februari 2015

Arthur Rackham, Het bootje met de dode Elaine voor het paleis te Westminster.

Arthur Rackham, Het bootje met de dode Elaine voor het paleis te Westminster.

Elaine, die stierf van verlangen naar de trouweloze Lanceloet. Isolde, die een noodlottige liefde voor Tristan opvatte. Koningin Ginevra, Arthurs vrouw, die een verhouding had met diens dapperste ridder, Lanceloet. Drie vrouwenfiguren uit de Arthurlegenden, die lang geleden in mijn meisjeshart gekerfd raakten dank zij het boek van mijn grootmoeder, Nelly de Fouw (1891-1957).

Sagen van Koning Arthur en de ridders van de Tafelronde verscheen in 1920, fraai vormgegeven en met illustraties van de beroemde Arthur Rackham (die die had gemaakt voor A.W. Pollards versie van dezelfde verhalen). Zij had MO Engels gestudeerd, en als je het leest zie je hoeveel plezier zij had, zowel in het onderzoek als het vertellen.
Maar hoe gingen de dingen in die tijd? Toen het boek verscheen was Nelly zojuist getrouwd met mijn grootvader, met wiens naam zij dus al op het titelblad van de Sagen stond. Daarna wijdde zij zich aan haar gezin en sociale verplichtingen: zij werd lid van ‘Kunst aan het Volk’ en bestuurster van liefdadige instellingen. Met onderzoek of schrijven heeft zij zich nooit meer beziggehouden, en ik vrees dat iedereen dat heel gewoon vond.
(In 1941 is nog een tweede druk van het boek verschenen, en veel later wat lelijke herdrukken; nu pas ontdek ik dat het ook op Project Gutenberg te vinden is. Mijn oma staat op het wereldwijde web – dat dan weer wel…)