Ileen
Montijn

 

Neven en nichten

22 september 2009

C.D. Friedrich (1774-1840), Op de zeilboot

C.D. Friedrich (1774-1840), Op de zeilboot

De moeder van een klasgenoot van me heette mevrouw Collier-Collier. Twee dezelfde achternamen! Ik was jong en ik vond dat raar; maar toen ik hem ernaar vroeg leek het voor hem heel gewoon te zijn. Van schrik durfde ik toen niet meer te vragen of zijn moeder inderdaad met een neef was getrouwd.

En waarom zou ze niet? Nu ik mij verdiep in de geschiedenis van de adel, weet ik hoe gewoon zoiets in het verleden inderdaad was. Niet dat het elders niet ook voorkwam, maar hier, in een wereld waar stambomen van belang zijn, kun je het mooi zien. Er hangt zelfs iets deftigs aan die repeterende achternamen. Agnes van den Brandeler, onderwerp van mijn eigen recente boek, trouwde met haar achterneef Didi van den Brandeler, en was duidelijk trots op die mond vol Brandeler in haar naam.

Overal kom ik ze tegen, de huwelijken tussen verwanten, niet zelden volle neven en nichten. Soms was het een kwestie van financiële planning, een handige manier om het familiebezit bij elkaar te houden. In de jaren 1890, zo las ik, trouwden binnen twee jaar zes kinderen van twee broers uit de familie Van Harinxma thoe Sloten met elkaar! Soms was het ook echte liefde. Marianne van Hogendorp (1805-1878) en haar volle neef Dirk (bekend als de mede-wandelaar van Jacob van Lennep) waren soul-mates, hun gloedvolle liefdesbrieven getuigen ervan, en ze kregen zeven kinderen.

Nu, in 2009, worden neef-nicht-huwelijken ineens bij de wet verboden, speciaal met het oog op de Marokkaanse families waarin ze nogal eens voorkomen. In het licht van de geschiedenis is dat dus pas echt raar – al hoef je dat niet eens te weten om te zien dat het opportunistisch is, en hatelijk.