Snelweg A4, zonder auto's
Onbeantwoordbare vragen zijn vaak de leukste (Tell me why the stars do shine… gaat een liedje. Tell me why the ivy twines… tell me why the sky’s so blue, and I will tell you just why I love you.) Onoplosbare problemen daarentegen zijn helemaal niet leuk, en er zijn er zo veel van. Neem de files.
Zingend in de auto op weg naar huis vanuit Den Haag, mijn geboortestad (waar we, omdat ik jarig was, koffie met maanzaadstrudel en kwarktaart hadden genoten bij de Wiener Konditorei) reden we ter hoogte van Schiphol een file in. Dan kun je wel belangstellend gaan zitten kijken naar de bedrijvig rondscharrelende vliegtuigen, maar leuk is het niet. Gelukkig vind ik files niet meer zo onverdraaglijk als vroeger, toen ze nog niet aan de orde van de dag waren.
Hoe lang is het geleden dat ik, alleen in de auto, letterlijk heb zitten schreeuwen van frustratie omdat ik niet kon doorrijden? Twintig jaar, vijfentwintig? De gelatenheid van de bestuurders van omringende auto’s was me toen ook een doorn in het oog. Runderen, sukkels! Nu zit ik gewoon net als iedereen te wachten, te roken en te bellen. En maak mezelf wijs dat berusting ook een soort oplossing is – een bitterzoete wijsheid op je eigen verjaardag.