Bakker Korff, Middagdutje (Rijksmuseum)
Was Alexander Hugo Bakker Korff (1824-1882) een voyeur, een bespieder van mensen? Hij heet zo in de tentoonstelling bij Christie’s in Amsterdam (bijna een flitstentoonstelling, want hij duurt maar vanaf vandaag tot 14 februari). Bij de opening, gisteren, werd over hem gepraat door kunsthistorici en liefhebbers: over zijn succes in zijn eigen tijd, de oude vrijsters (zijn zusters) die hij keer op keer schilderde, de milde humor die uit de schilderijen spreekt, en de kamers die erop staan afgebeeld. Wat bezielde Bakker Korff?
De discussie werd – in mijn ogen – ook dit keer weer gewonnen door iemand die minder naar de verhaaltjes luisterde en beter keek naar de schilderijen. Het was Reinier Baarsen, meubelspecialist van het Rijksmuseum. Hij zei veel interessants over de interieurs van de schilder en zijn 18de-eeuwse meubels, die trouwens na zijn dood gedeeltelijk door het Rijks zijn gekocht. Maar de kunst van Bakker Korff, zo bleek Baarsen te vinden, schuilt in die schilderijen waarin alles – mutsen, jurken, kleden, meubels en mensen – één fantastisch geheel van tinten en stoffen is geworden. Op de tentoonstelling is het duidelijk te zien: Bakker Korff deed op zijn manier, decennia vroeger, hetzelfde alsEdouard Vuillard.