Krafft-Ebing en zijn vrouw in een causeuse
Vanochtend las ik in een boek dat in 1886 onder ontwikkelde Westeuropeanen insloeg als een bom: Psychopathia sexualis
door Richard von Krafft-Ebing. Midden in het preutse, ‘Victoriaanse’ tijdperk beschreef deze Duits-Oostenrijkse arts en psychiater alle seksuele varianten die hij in zijn praktijk was tegengekomen, plus nog een heleboel uit de literatuur. Heel wetenschappelijk, met veel latijnse termen, was het boek eigenlijk bedoeld voor juristen en medici – maar dat het ook door anderen werd gewaardeerd bewijzen de vele vertalingen en tientallen herdrukken, tot ver in de 20ste eeuw, die ervan verschenen.
Alleen al de inhoudsopgave is een fascinerende catalogus waar alles in staat: ‘ware liefde’ en ‘seksuele afwijkingen bij grijsaards’, homoseksualiteit, melancholie, meisjesprikkers en honderd andere dingen – alles. Krafft-Ebing was een pionier, ook met het inzicht dat seksuele varianten niet per se als crimineel moeten worden beschouwd en dat wie ermee behept was, een menselijke behandeling verdiende. Geen wonder dat hij wereldberoemd werd. Het sanatorium Mariagrün bij Graz dat hij leidde, werd een trefpunt van rijke, veelal aristocratische lijders en bewonderaars. Nu ja, je moet ergens beginnen.