Als in de wereld dingen gebeuren die te verschrikkelijk zijn om er iets zinvols over te zeggen, kun je het altijd nog hebben over de berichtgeving: daarvan is tenminste nog voorstelbaar dat je er iets aan kunt doen.
Bij een foute krantenkop – zoals de opening van de Volkskrant vanochtend – loop ik in gedachten te foeteren tegen een denkbeeldige eindredactie. Lang geleden, toen ik werkte bij NRC Handelsblad, deed ik dat wel eens in het echt, en ik zie dus nog steeds die al lang verdwenen redactiezaal aan de Witte de Withstraat voor me.
Massamoord voor een islamvrij Noorwegen – hoe besta je het, om het woord ‘islam’ in de kop te zetten? Die foto van die ellendeling er groot naast te plaatsen – en verderop in de krant nog een paar – hoe kun je het doen? Wat een wansmaak, wat een gebrek aan gevoel voor verhoudingen. De oude mannen die dertig jaar geleden de NRC maakten, hadden mij vast niet nodig gehad om iets beters te verzinnen.