Als je erop let, zie je hoe vaak juist doorschijnende stof een huzarenstukje is voor kunstenaars, en natuurlijk vooral schilders. Ook Gerard van Honthorst (1592-1656) is niet in zijn eerste huzarenstukje gestikt, zoals te zien is op de aan hem gewijde tentoonstelling in Utrecht. Deze mevrouw, geschilderd in 1638, is daar ook, en haar kraag is niet te geloven. Kraag, of fichu, laag op laag, ik tel er vijf, grijzen en witten, virtuoos geschilderd alsof het niets is.
En dat is het in zekere zin ook, want wat je het eerst treft, is niet die kraag maar haar gezicht. Vriendelijk, maar ook met zoveel rustig zelfvertrouwen dat je meteen begrijpt: deze vrouw hoef je niets wijs te maken. Generaties van adellijke opvoeding zou je haar toeschrijven. Wie is zij? Een ‘onbekende Franse hofdame’, staat er. Zij woont in het Wallraf-Richartz-museum in Keulen. En als je haar daar opzoekt, digitaal wel te verstaan, dan kom je bij Wikimedia Commons, en dan staat daar: ‘Bildnis der Äbtissin Marie III de la Rochefoucault de Chaumont’. Met een vraagteken – maar ik geloof het meteen. Een hoogadellijke abdis. Zie je wel.