Ileen
Montijn

 

In de toren

19 maart 2010

Uitzicht Tour Montparnasse (minder heiïg)

Uitzicht Tour Montparnasse (minder heiïg)

Feilloos leidde de navigatiemachine ons door Parijs. (Ja lezer, het is me bekend dat ze daar uitstekend openbaar vervoer hebben.) Linksaf, rechtsaf, en als we eens iets anders deden, hernam zij zich zonder één verwijt en begon opnieuw geduldig uit te leggen hoe we moesten rijden om bij onze bestemming te komen. Daar wilden we toch naar toe? Na wat kilometers kom je in een deel van de stad waar je misschien nooit bent geweest – maar daar begint Parijs ook gewoon opnieuw: hoge, 19de-eeuwse woonhuizen, een plein met standbeeld in het midden, op de hoek een bistro met tafeltjes in een serre. Het is een heel grote stad.

In een opwelling besloten we koffie te drinken bovenin de Tour Montparnasse, dat monster, we waren er toch vlakbij. (Net als ze in 1889 over de Eiffeltoren zeiden: als je hem niet wilt zien kun je er het beste in gaan zitten.) Het ging vlot, 56 verdiepingen omhoog. Boven loop je naar de lokkende ramen, van vloer tot plafond, het is weliswaar heiïg, maar kijk je naar beneden – dan stokt heel even je adem. Parijs! Een zee van wonderlijk licht gekleurde huizen aan je voeten. En de Eiffeltoren, die we tegenwoordig best willen zien.