Ileen
Montijn

 

Vader en dochter

1 maart 2015

Hendrickje als klein meisje met haar vader

Hendrickje als klein meisje met haar vader

Hij was knap, ontwikkeld en charmant. Een man van de wereld met iets ondeugends in zijn helderblauwe ogen. Hij kon elke vrouw krijgen die hij wilde – en het merkwaardigste is achteraf misschien dat hij er zo véél wilde. In de tijd dat ik de zolderetage van zijn grote huis aan de Laan Copes van Cattenburch huurde, woonde hij beneden met vriendin en kind (zijn vierde), een peutertje nog: het was zijn derde ‘nest’. Met de vriendin was hij nadrukkelijk niet getrouwd, dus werd het kind ‘het bastaardje’ genoemd.

Wat later kwam zijn tweede kind, een tiener, ook in het huis wonen. Dat was Hendrickje Spoor. Zij schreef onlangs een boek over haar vader en over hun vertrouwelijke, van haar kant bijna symbiotische band. Voor degenen die de hoofdrolspelers kennen is het vaak pijnlijk om te lezen, want de schrijfster is nietsontziend openhartig over het leven van haar ouders, hun vele relaties, en ook die van haarzelf. Er vallen bekende namen.

Het boek is indiscreet, er gebeuren schandelijke dingen in, maar het heeft ook iets teders. De gedachte dringt zich op dat zijn eigen dochter het grootste slachtoffer was van deze beminnelijke vrouwenverslinder, voor wie de swinging sixties pas ophielden toen hij niet meer kon. Dat het speelt in ‘hogere kringen’, en dan een speciaal, bohémien-achtig deel daarvan, schijnt sommige critici zo mogelijk nog meer te storen dan de openhartigheid.

Ik vind het fascinerend. Vanwege de geschiedenis die het vertelt, en ook vanwege het ontbreken van morele oordelen (die die critici geloof ik missen). Spijt of wrok zijn net zo afwezig als braafheid – als ware het een Liaisons dangéreuses van de late twintigste eeuw.