Ileen
Montijn

 

Waarom mode ertoe doet

6 november 2019

Foto van De Clérembault, c. 1914-1918

Foto van De Clérembault, c. 1914-1918

Als een zonnehoed in een windvlaag, zo danste Valerie Steele maandagavond door de geschiedenis van de mode tegenover een ademloos publiek. De gehoorzaal van het Rijksmuseum was uitverkocht voor de lezing van deze Amerikaanse modehistorica, directrice van het museum bij het Fashion Institute of Technology in New York. “Why fashion matters” was de titel – een buiginkje naar het boek over juwelen van Marjan Unger, naar wie deze lezing genoemd is: Jewellery Matters.

Steeles betoog ging alle kanten uit. Waarom is mode belangrijk? Wanneer is mode eigenlijk begonnen? Hadden ze in het oude Japan ook mode? Waarom doen mensen aan mode – is het voor de seks, de kuisheid, de beschutting, de status, of misschien een combinatie van factoren?

Dat laatste was eigenlijk steeds het antwoord, terecht natuurlijk. Onderweg toonde zij niet alleen mooie plaatjes, maar noemde ze ook namen van velerlei auteurs en onderzoekers, vooral uit de psycho-analytische hoek. Die schreef ik dan snel fonetisch op, om later uit te zoeken over wie het eigenlijk ging.

Een daarvan was Gaëtan Gacian de Clérembault (1872-1934), een fascinerende Fransman van wie ik nooit had gehoord. Hij was psychiater, gespecialiseerd in de erotomanie (ook wel het syndroom van Clérembault genoemd) en bezeten van vrouwen in gedrapeerde gewaden, van wie hij er tienduizenden fotografeerde. Wikipedia meldt dat hij in 1934 een brief aan het hoofd van de Parijse politie schreef, dat hij in 1919 een schilderij van Caillebotte had gestolen. Daarna ging hij voor de grote spiegel in zijn kamer zitten, te midden van zijn in draperieën gehulde etalagepoppen, en schoot zichzelf met twee kogels dood.